Tellen!

tellenGerrit Guldenhemel ken ik als schilder en tekenaar. Hij woont in de buurt van Groningen. Ik heb enige schilderijen van hem thuis hangen, waar ik erg op gesteld ben. Ook heeft hij in opdracht van mij twee jaar geleden een prachtig schilderij gemaakt van mijn vriendin met al haar naasten op de achtergrond, ter gelegenheid van haar 50e verjaardag. Aldus: Gerrit is dagelijks in mijn en haar leven.
Toen hij met dat schilderij bezig was, vertelde hij mij ook, dat hij een roman aan het schrijven was. Daar was ik natuurlijk knap nieuwsgierig naar. Een maandje geleden kwam het bericht, via e-mail: de roman is klaar en ik kon ‘m via internet bestellen. Direct gedaan natuurlijk.
En de afgelopen weken heb ik de roman, Tellen! Genaamd, gelezen. Het is geen novelle hoor: 350 bladzijden!

Een jaar of 12 geleden gebeurde het mij ook eens: een collega die in zijn vrije tijd een roman had geschreven en zelf had gepubliceerd. Toen ik dat las, leverde me dat wat mentale tweespalt op. Mag ik hier wel ‘beoordelend’ over doen? Aanmatigend is het niet, een verhaal te schrijven en dat met mensen te willen delen; nee, het is een te waarderen geheel. Het verhaal was onderhoudend, maar….. ach, het was zo ‘tussen de schuifdeuren’. Voor mij toen een reden om te denken: nee, laat ik het boekenschrijven maar aan de schrijvers.
Dáár was ik dus ook beetje bang voor bij Tellen!, maar na 10 pagina’s wist ik: dit is héél wat anders! Hier spat het schrijfplezier van de pagina’s. Gerrit ontleedt al zijn personages tot op het bot en geeft ze diepte met ontzettend originele metaforen. Vooral dát vind ik altijd heerlijk in een boek: de dingen die niks te maken hebben met plotopbouw, maar die een lust voor het moment zijn. Zeg maar: de geslaagde schijnbeweging op het middenveld.

Ik noem er even twee:
(blz. 235) Berend is een dierenvriend pur sang, die zijn twee dobermans en zijn oude pony liefdevol in onderscheidende toonhoogtes aanroept met Marie, Merie en Merrie. Als hij ze alle drie tegelijk roept, componeert hij Gregoriaans.
Je moet ’t maar even doen, in je hoofd of luidop: dit aanroepen. Zeker weten, dat je zelf ook deze situatie kent. Geweldig!
En:
‘Voor mij mag je nog wel even blijven, pop!’ Birgit kijkt alsof ze in een pizza met alleen maar ansjovis zit te happen.
Je gaat het bijna proeven!

Soms is Gerrit een paar bladzijden bezig een personage op te bouwen. Ze hebben allemaal de juiste touch: bijna potsierlijk in hun uitvergroting, maar als je goed leest, dan zie je dat het allemaal natuurgetrouw is: ze bestaan, ze zijn allemaal ‘round’ in hun uitvergroting.
In het boek kun je al deze personages ook echt zien, want Gerrit heeft ze ook allemaal getekend en om de zoveel bladzijden kom je een tekening tegen van één van de personages. Gek genoeg is op blz. 131/132 een bladzijde uitgescheurd, waar een tekening (op beide bladzijden) heeft gezeten. Dat moet ik Gerrit nog navragen: wat was hier aan de hand!? Was de tekening mislukt? Heeft een personage bezwaar gemaakt? Ik heb de indruk, dat het het personage Mireille moet betreffen. Mireille is nogal sneu. Ik heb het vermoeden, dat álle karakters in Tellen! gebaseerd zijn op real live personen in de omgeving van Gerrit zelf.

Daar kom ik op de kern: de hoofdpersoon is Wessel Weiland, oftewel….. Gerrit Guldenhemel zelf natuurlijk. Op zich is dat ook al een pseudoniem natuurlijk; Gerrit heeft ook jaren parallel een alternatief pseudoniem gebruikt: Gerrit Laurier. De schilderijen die ik thuis heb hangen zijn van Laurier; zijn meer abstracte werk is van Guldenhemel. Maar terug naar Wessel.
Wessel is een kunstenaar die, als een echte kunstenaar natuurlijk, zo’n beetje van de hand in de tand leeft, wel gewaardeerd wordt, een agent heeft, meedoet aan exposities, maar het verder niet ‘maakt’. Hij heeft ook een bijstandsuitkering, maar gelukkig een goeie relatie met zijn UWV-contactpersoon. Zo komt hij zijn dagen wel door. Hij heeft een bloedmooie vriendin, een psychologe, Birgit (volgens mij dan ook gebaseerd op Gerrit’s echte vriendin). Maar Birgit houdt hem ook op de nodige afstand. Eigenlijk staat ze nogal boven hem, maar ze houdt duidelijk wel veel van hem.

In de eerste helft van het boek leer je Wessel en zijn omgeving kennen en is Wessel onderweg naar de opening van een expositie in Hellendoorn, waar hij nog wat naartoe moet brengen en zich moet laten zien. Het loopt niet goed, hij loopt vertraging op en Toine, zijn agent, die daar op hem zit te wachten, baalt ervan. Uiteindelijk laat Toine hem weten, dat hij niet langer voor hem wil werken.

Maar dan is the big thing al gebeurd. Ergens tussen Hoogeveen en Ommen gebeurt er een ongeluk, waar Wessel met zijn oude Toyota Corolla bij betrokken is. Daar komen de twee verhalen bij elkaar. In  het eerste deel van het boek schakelt Gerrit tussen twee lijnen. Die andere lijn gaat over twee vrouwen met een lesbische relatie, waarvan er eentje werkt bij de Staatsloterij en eentje bij de (later blijkt: parkeer-) politie. Ze besluiten een truc uit te halen met de komende trekking en op die manier 2,3 miljoen euro te ontvreemden, door het te laten ‘winnen’ door een stand-in, die ze er bij betrekken. Deze blijkt niet te vertrouwen, bezuipt zich, en raakt tussen Hoogeveen en Ommen van de weg, met een laptopkoffertje met het geld, in contanten.

Wessel kan deze auto nét ontwijken. Wessel is als eerste bij deze man, dhr. J. Stengel genaamd. Deze Stengel kan nog net prevelen: neem die laptop mee, waarna hij, naar later blijkt, bezwijkt. Nog tijdens de opening in Hellendoorn, even later, en een deel van zijn terugrit naar Groningen, denkt Wessel dat-ie een laptop in zijn auto heeft liggen.
Uiteindelijk vindt hij uit, dat hij met een paar miljoen euro’s zit.

Dan begint feitelijk het 2e deel van het verhaal. Wessel gaat psychologisch over de kop van deze nieuwe situatie. Hij kan en wil geen afstand doen van het geld maar kan (en wil?) deze wetenschap ook niet delen. De politievrouw – één van de twee “eigenaren” van het geld – denkt te weten, dat het Wessel is, die het geld heeft, maar kan natuurlijk alleen maar proberen een vuil spel te spelen met Wessel, met dreiging en geweld. Dat weet Wessel wel handig te pareren. Hij wordt steeds standvastiger in het beschermen van ‘zijn’ buit. De dame van de loterij, de partner van de politievrouw, verdwijnt in een mentaal bodemloos gat. Zo nu en dan is er een kort hoofdstuk met haar gedachten. Ze blijkt aan het einde van het boek ook in een inrichting te zitten.

Daarna komt de stroomversnelling. Wessel gaat helemaal door de bocht. Gaat gigantisch geld uitgeven aan zijn huis, zijn atelier, zijn Bentley (beetje over the top misschien), maar ondertussen begint hij ook een mega-kunstproject. Een project waarin hij in korte tijd bewijst, dat je met grote middelen en het ‘kopen van aandacht’ de juiste snaar van beau monde artistiek Nederland, nee: ook internationaal!!, weet te raken. Met zijn expositie in de Nieuwe Kerk van Amsterdam verdient hij zomaar anderhalf miljoen met de verkoop – nog vóór de feitelijk opening! – van zijn 15 supergrote kunstwerken. Dat zijn in feite gephotoshopte verbeeldingen met als benoeming ‘de grote vaagheid’: de Wess Fuzzies.

Jawel, dit hele verhaal is tegelijk grotesk, spectaculair, opzwepend en intens. Het is natuurlijk wel heel erg ‘RTL4’, maar het leest verschrikkelijk dwingend en zuigend. Echt heerlijk.

Maar Wessel is natuurlijk helemaal niet blij. Nee, want al halverwege blijkt, dat hij met het heimelijke van zijn exercities natuurlijk de liefde van Birgit totaal verliest. Een psychologe! Ze is gewend door hem heen te kunnen kijken en nu heeft ze te maken met allemaal idioot gedrag, bizarre onverantwoorde financiële uitspattingen, etc. Ze probeert hem te bereiken. Dat lukt niet meer en ze haakt af.

De grote finale is natuurlijk de opening van de expositie. Deze scenes zijn ook echt de finale scenes van de film. Absoluut: in deze roman zit een geweldig goed filmscript verstopt. Ik zat al stiekem te denken aan Eddy Terstall als regisseur.
Wessel ziet eigenlijk iedereen bij deze opening langskomen, maar Birgit komt niet. Dan slaat hij volledig door, eindigt met zijn Bentley in de gracht.

Tijdens de hele tweede helft van het roman, de periode van het big spenden, lees je telkens in vette letters, hoeveel geld hij nu weer aan dit en aan dat uitgeeft. De hele boekhouding komt langs.
In de epiloog herkent Mireille, in haar mad house de schilder Wessel Weiland. Hij zit daar ook. En hij doet maar één ding: tellen!

Ondertussen krijg je wat meer duiding door de ‘krantenartikelen’, die ook op deze bladzijden staan. De moraal van het geheel is doodeenvoudig: het gaat om de liefde in het leven, niet om het geld. Ondertussen wordt de wereld van de kunst gefileerd.
Het is niet de complexiteit van het verhaal, die het belangrijkst is. Het gaat vooral om de opbouw (eerst alles in kaart brengen en geleidelijk de gebeurtenissen introduceren, daarna de achtbaan van euforie en neergang) en om de tekening van de personages. Gerrit is (in de werkelijkheid) de laatste tijd ook bezig met het tekenen van mensen die in het nieuws zijn. Dat doet hij ook prachtig. Hier zie je dus, dat hij niet alleen maar een platte tekening maakt, maar dat hij probeert de hele psyche te ‘tekenen’.

Ik ben heel benieuwd of ‘Tellen!’ in de echte wereld een ‘tussen de schuifdeuren’-verhaal blijft, voor intimi (en gelukkig niet in de Slegte, omdat je met zelf publiceren het aantal gedrukte exemplaren kunt bepalen), of dat het meer aandacht krijgt. Als gezegd: ik zie er een geweldig filmscript in.

Binnenkort onder het genot van een fles wijn ook met Gerrit verder praten over zijn roman.
Nog één zwak punt, dat je toch telkens even laat voelen, dat het een kleine particuliere onderneming is, de uitgifte van dit boek: op elke paar bladzijden kom je helaas toch een tikfout tegen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: